S3 of toch een laars? Schoeisel kiezen voor nat en modderig werk in de Kempen
Nu de herfst zich laat voelen, verandert er voor veel mensen in Herentals en omgeving ook iets aan hun werkdag. De paden op een werf worden modderig, in de land- en tuinbouw staat het water na een regenbui in de sporen en ook op de industrieterreinen langs het Albertkanaal is het 's ochtends vaak nat. Wie buiten werkt, merkt snel of het schoeisel daartegen bestand is. De vraag is dan vaak dezelfde. Volstaat een goede veiligheidsschoen, of is een laars de betere keuze?
Wat de codes op je schoen betekenen
Op elke veiligheidsschoen staat een code die verwijst naar de Europese norm EN ISO 20345. Die norm legt vast aan welke eisen schoeisel met een beschermende neus moet voldoen. De basis heet SB. Daarboven volgen de klassen die je in de praktijk het vaakst tegenkomt. S1 voegt onder meer een gesloten hiel, een antistatische zool en schokdemping in de hak toe. S2 heeft daarnaast een bovenwerk dat water een tijd tegenhoudt. S3 gaat nog een stap verder, met bescherming tegen het doorprikken van scherpe voorwerpen door de zool en een geprofileerde loopzool voor meer grip op losse ondergrond.
Voor laarzen bestaan aparte klassen. S4 en S5 gelden voor laarzen die volledig uit rubber of kunststof zijn gemaakt en daardoor waterdicht zijn. S5 combineert dat met een doorprikbestendige zool en een geprofileerde loopzool, en is daarmee in zekere zin de laarzenversie van S3. Sinds de herziening van de norm in 2022 bestaan er ook S6 en S7, varianten van S2 en S3 waarbij de hele schoen op waterdichtheid is getest.
Wanneer een S3-schoen volstaat
Voor de meeste mensen die afwisselend binnen en buiten werken, is een S3-schoen een prima keuze. Denk aan iemand die op een werf rondloopt, materiaal aanvoert of op een industrieterrein van hal naar hal gaat. Het waterafstotende bovenwerk houdt een regenbui en nat gras goed tegen, de zool beschermt tegen nagels en scherpe resten en het profiel geeft grip op gravel en zand. Er bestaan bovendien veiligheidsschoenen S3 in heel wat vormen, van hoge modellen die de enkel extra steun geven tot lichtere, sportievere varianten voor wie veel stapt.
Het belangrijke woord is wel waterafstotend. Een gewone S3-schoen houdt water een tijd tegen, maar is niet gemaakt om lang in plassen of modder te staan. Wie dat regelmatig doet, krijgt vroeg of laat natte voeten, en natte voeten worden in de herfst en winter al snel koude voeten.
Wanneer je beter voor een laars kiest
Zodra het werk zich echt in het water of de modder afspeelt, is een laars de logischere keuze. Dat geldt voor grondwerken en rioleringswerken, voor wie in stallen of op het veld staat, voor het schoonspuiten van machines en voor werk in de voedingsindustrie, waar vloeren vaak nat zijn en schoeisel goed gereinigd moet kunnen worden. Ook wie een tijd in hoog gras of in een gracht moet staan, heeft meer aan een hoge schacht dan aan een schoen.
Goede werklaarzen zijn al lang geen stijve rubberen kokers meer. Er zijn modellen in lichtere materialen die beter isoleren, wat bij lage temperaturen een groot verschil maakt. Let bij de keuze op de klasse, want niet elke laars heeft een beschermende neus. Voor wie op een werf werkt of met zware lasten in de weer is, ligt een S5-laars voor de hand. Kijk ook naar de pasvorm rond de kuit en de hiel, want in een laars die te ruim zit, glijdt je voet bij elke stap een beetje mee.
Twee paar is soms de slimste oplossing
In de praktijk kiezen veel mensen niet voor het een of het ander, maar voor allebei. Een paar S3-schoenen voor de gewone dagen en een paar laarzen voor de natte klussen. Zo draag je op elk moment wat bij het werk past en slijt geen van beide paren te snel. Laat schoeisel na een natte dag ook goed drogen, liefst op kamertemperatuur en niet tegen een verwarming, zodat het materiaal langer meegaat. Wie dat goed doet, komt de Kempense herfst met droge voeten door.
Afbeelding: Hanna Lazar via Unsplash